Red Panthers en bedrijfsadviseur Grant Thornton zetten krachtig signaal neer voor gendergelijkheid
Op zaterdag 28 juni werd in het Antwerpse Wilrijkse Plein een historische hockeywedstrijd gespeeld. Niet alleen omdat de Belgische Red Panthers het opnamen tegen wereldtopper Nederland, maar vooral omdat sport en inclusie er hand in hand gingen. Met de campagne ‘Call me by my name. Not my gender.’ of ‘Noem me bij mijn naam. Niet bij mijn gender.’ brachten de Red Panthers, de Koninklijke Belgische Hockey Bond (KBHB) en haar sponsor Grant Thornton Belgium een krachtig maatschappelijk statement. Geen loze woorden, maar een actie die letterlijk op de rug van de speelsters gedragen werd.
Tijdens de eerste helft van de wedstrijd stonden er geen namen op de shirts van de Belgische speelsters. In plaats daarvan verschenen opschriften als ‘Woman’, ‘Femme’, ‘Vrouw’ en ‘Mujer’. Een bewuste ingreep, bedoeld om het publiek wakker te schudden: waarom benoemen we vrouwen in de sport nog te vaak eerst als ‘vrouw’, in plaats van als ‘speler’, ‘professional’ of ‘kampioen’? De tweede helft liepen de Red Panthers dan met een truitje met hun voornaam voorafgegaan door de boodschap ‘Call me’ het terrein op. Daarmee wilden de Red Panthers benadrukken dat hun identiteit, talenten en prestaties vooropstaan.
Een campagne die raakt
De actie werd pas onthuld bij de opkomst van de speelsters. Het publiek reageerde met verwondering en bewondering. ‘Het moest binnenkomen,’ zegt Serge Pilet, CEO van de KBHB. ‘Het was belangrijk dat mensen zich afvroegen: waarom staat er ‘Madameke’ op het shirt van Emma Puvrez, en niet gewoon haar naam?’Laatstgenoemde, met haar 12 jaar dienst één van de ervaren krachten van het nationale team, was geraakt door het initiatief. ‘Als vrouw in de sport voel je dat je telkens opnieuw moet bewijzen dat je je plek verdient. We krijgen niet zomaar dezelfde middelen als onze mannelijke collega’s. Eerst presteren, dan volgen de middelen, zo is het nog vaak.’

Emma Puvrez was ‘Madameke’ bij aanvang van de wedstrijd België-Nederland
Toch is ze hoopvol. ‘De afgelopen jaren is er veel veranderd. We trainen nu bijna voltijds, de publieke belangstelling groeit, en we worden steeds serieuzer genomen. Maar het blijft een strijd.’ Ze merkt tevens op dat het beeld van vrouwelijke atleten aan het kantelen is. ‘Mensen komen nu echt voor ónze wedstrijden. Ze volgen ons op de voet, herkennen speelsters en kijken naar onze wedstrijden op tv. Dat was vroeger anders.’ Puvrez ziet zichzelf ook als rolmodel voor jongere speelsters: ‘Ik wil dat meisjes die starten met hockey zich herkennen in ons. Dat ze zien dat het kan, dat je een carrière kan uitbouwen, dat je zichtbaar en erkend wordt.’ Over de druk op jonge speelsters zegt ze: ‘Je moet zoveel combineren: studies, trainingen, wedstrijden. Het is een leven dat veel vraagt, maar ook veel teruggeeft. Toch merk ik dat jonge meisjes nog vaak twijfelen of ze dit echt kunnen combineren met hun andere dromen.’
“Ik wil dat meisjes die starten met hockey zich herkennen in ons. Dat ze zien dat het kan, dat je een carrière kan uitbouwen, dat je zichtbaar en erkend wordt,” benadrukt speelster van de Red Panthers, Emma Puvrez.
Een samenwerking gebaseerd op gedeelde waarden
De campagne is het resultaat van een nauwe samenwerking tussen de KBHB en bedrijfsadvieskantoor Grant Thornton Belgium, dat sinds vorig jaar sponsor is van de hockeybond. Voor CEO van Grant Thornton, Leslie Van den Branden, is dit partnership meer dan een logo op een shirt:‘we sponsoren geen sport omwille van de sport alleen. We zoeken naar een match in waarden. Diversiteit en inclusie zijn bij ons fundamenteel, geen modetrend. Internationaal zijn we hier al 25 jaar mee bezig.’Van den Branden verwijst naar de jaarlijkse rapporten die het netwerk publiceert over genderdiversiteit in leiderschap. ‘We volgen nauwgezet de evolutie van vrouwen in managementposities wereldwijd. Er is vooruitgang, zeker, maar het tempo is traag. Aan dit ritme duurt het nog 25 jaar voor er echt een evenwicht is.’Het rapport met als titel ‘vrouwen in hogere functies zijn nog steeds 25+jaar verwijderd van pariteit’, is trouwens hier terug te vinden.

Leslie Van Den Branden (l.) en Serge Pilet (r.)
De keuze om specifiek het vrouwenhockey te steunen kwam niet uit de lucht vallen. ‘De KBHB heeft een uitgesproken visie op gelijkheid en inclusie, en dat ligt helemaal in lijn met onze eigen ambities. Bovendien heeft hockey als sport een traditie van respect en teamgeest, waarden die wij ook intern koesteren.’, aldus Van den Branden.
Pilet benadrukt dat de federatie niet alleen op het veld inzet op gelijkheid. ‘In onze bestuursstructuur hebben we expliciet gekozen voor evenwicht. Elke liga levert twee mannen en twee vrouwen aan onze raad van bestuur. Ook bij scheidsrechters en coaches proberen we actief vrouwen te betrekken. Niet toevallig was er bij de mannenwedstrijd een vrouwelijke scheidsrechter. We hopen dat dit steeds meer als normaal wordt ervaren.’
Daarnaast werd de loonstructuur van de nationale ploegen gelijkgetrokken. ‘Een vrouw met 200 interlands verdient evenveel als een man met hetzelfde aantal selecties. Of zelfs meer, als ze er meer gespeeld heeft.’ Toch blijft het werk intens. ‘We merken nog steeds dat vrouwen zich pas kandidaat stellen voor een functie als ze bijna aan alle criteria voldoen. Mannen stappen sneller naar voren. We moeten vrouwen dus blijven aanmoedigen en ondersteunen,’ aldus Pilet. Ook binnen bedrijven ziet Van den Branden dat patroon. ‘We investeren in mentorship, allyship en bewust beleid. We willen vrouwen al vroeg in hun loopbaan begeleiden, zeker op sleutelmomenten waarbij de combinatie werk-gezin een uitdaging vormt.’ Een concreet voorbeeld van zo’n aanpak is het organiseren van netwerkmomenten en het actief coachen van jonge vrouwelijke talenten. ‘Je moet een cultuur opbouwen waarin vrouwen zich gesteund voelen om hun ambities waar te maken. Dat gebeurt niet vanzelf.’
Beleidsaanbevelingen voor blijvende impact
Om de symbolische actie van de Red Panthers ook in daden om te zetten, schuiven zowel de KBHB als Grant Thornton een reeks concrete beleidsmaatregelen naar voren die verder reiken dan de sportwereld. Zo pleiten ze voor het bredere toepassen van het principe ‘gelijk loon voor gelijk werk’, een beleid dat binnen de federatie al werd ingevoerd. Mannen en vrouwen ontvangen gelijke vergoedingen bij eenzelfde aantal caps, wat als voorbeeld kan dienen voor andere sportbonden én voor het bedrijfsleven. Ook het bewust streven naar een evenwichtige vertegenwoordiging in bestuursorganen staat hoog op de agenda. Zoals de KBHB haar raad van bestuur paritair samenstelt, zouden ook andere sportieve en zakelijke besturen genderdiversiteit als prioriteit moeten opnemen.
Een ander speerpunt is het creëren van transparantie in aanwervings- en doorstroomprocessen. Door het systematisch verzamelen en analyseren van gegevens over instroom, doorgroei en uitstroom van vrouwen in teams en bedrijven, kunnen knelpunten geïdentificeerd worden en gericht aangepakt. Daarbovenop is er nood aan meer internationale samenwerking: sportfederaties en ondernemingen kunnen samen druk uitoefenen op globale instanties, zoals het IOC, om eenduidige richtlijnen rond gender en inclusie te formuleren.
Tenslotte benadrukken ze het belang van media-aandacht. Door gelijke zichtbaarheid van vrouwen- en mannensporten af te dwingen via publieke omroepen en eventueel subsidievoorwaarden, kan ook de perceptie in de samenleving structureel veranderen. ‘Beleid moet niet alleen inclusief klinken op papier. Er moeten meetbare doelstellingen zijn, transparantie over vooruitgang, en bereidheid om bij te sturen,’ stelt Van den Branden. Serge Pilet vult aan: ‘Zonder structurele maatregelen riskeren we dat mooie initiatieven eenmalige symbolen blijven. Wat we nodig hebben is volgehouden inzet op alle niveaus.’
De evolutie van het vrouwenhockey
Een opvallend signaal tijdens het evenement was ook de bewust gekozen volgorde van de wedstrijden. Waar traditioneel vaak de vrouwenwedstrijd als eerste wordt gespeeld, koos de KBHB er deze keer bewust voor om de vrouwen ná de mannen te laten spelen (de Red Lions speelden tegen Engeland, nvdr). ‘We wilden een statement maken,’ zegt Serge Pilet. ‘Door de vrouwenwedstrijd als tweede in te plannen, wilden we duidelijk maken dat hun match net zo belangrijk is als die van de mannen. Het is een kleine, symbolische verschuiving die hopelijk een groot effect heeft op de perceptie van toeschouwers en media.’ Pilet benadrukt dat het geen toevallige volgorde was. ‘We bepalen bewust de kalender en de timing van de wedstrijden in overleg met de internationale federatie. Door die flexibiliteit te gebruiken om de vrouwenmatch op primetime te zetten, verhogen we hun zichtbaarheid én geven we het juiste signaal.’
“Het is een bewuste keuze om de vrouwenmatch na die van de mannen te zetten. We wilden een statement maken,” zegt Serge Pilet, CEO van de KBHB.
Emma Puvrez blikt terug op haar eigen parcours. ‘Toen ik begon, trainden we twee keer per week. Nu doen we vijf hockeytrainingen, drie fitnesssessies, clubtrainingen… Het is bijna een voltijdse job.’ Ze ziet de sport evolueren: ‘De publieke belangstelling groeit, de media nemen ons serieuzer, en we krijgen meer zichtbaarheid. Vijf jaar geleden zaten de tribunes halfvol. Nu zijn we uitverkocht.’ Die groei is geen toeval. ‘We presteren ook beter. We zitten nu bij de wereldtop, hebben de halve finales op de Spelen gehaald… Dat trekt publiek aan. Maar het toont ook dat investeren in vrouwen werkt.’ Toch zijn de randvoorwaarden nog niet altijd optimaal. ‘Veel van ons studeren of werken daarnaast, en dat is moeilijk combineerbaar. De jongere generatie moet keuzes maken die ik vroeger ook heb moeten maken. Het blijft balanceren.’ Puvrez benadrukt dat erkenning belangrijk blijft: ‘We moeten telkens opnieuw tonen dat we het waard zijn. Dat is vermoeiend, maar tegelijk zijn we ook erg gemotiveerd. We doen het niet voor de show. We doen het omdat we geloven in wat we kunnen.’
Een internationale vergelijking
De situatie in België is de laatste jaren sterk verbeterd, maar internationaal zijn de verschillen groot. ‘In Nederland zijn ze nog meer geëvolueerd qua omkadering en cultuur,’ merkt Puvrez op. ‘Daar is vrouwenhockey echt een topattractie. Het publiek komt massaal, en ook de financiële ondersteuning is er beter uitgebouwd.’ Toch is België volgens haar aan een inhaalbeweging bezig. ‘Onze prestaties naderen die van de topteams, en dat helpt om respect af te dwingen. Maar in sommige landen zijn de vrouwen nog veel minder zichtbaar, krijgen ze nauwelijks toegang tot media of sponsoring. Dat verschil voel je als je toernooien speelt.’ Op zaterdag 28 juni verloren de Belgian Red Partners in de Hockey Pro League nog met 0-2 tegen hun Nederlandse evenknie maar op zondag werd 2-2 gespeeld tegen de wereldkampioenen uit Nederland.
Ook Serge Pilet erkent dat internationale regelgeving en visie vaak achterlopen. ‘Bij thema’s als genderdiversiteit in de sport merken we dat veel internationale federaties nog geen duidelijke richtlijnen hebben. Het gebrek aan uniform beleid maakt het moeilijk voor nationale federaties om consequent te handelen.’ Leslie Van den Branden voegt daaraan toe: ‘In de bedrijfswereld zie je gelijkaardige verschillen tussen landen. In sommige culturen wordt diversiteit gestimuleerd door wetgeving en publieke druk, in andere blijft het beperkt tot goede wil. Daarom is het zo belangrijk dat multinationale spelers zoals wij het goede voorbeeld blijven geven.’
Onderweg
De boodschap van deze campagne was krachtig in zijn eenvoud. ‘Noem me bij mijn naam. Niet bij mijn gender.’ Geen betutteling, geen slachtofferschap, maar een vraag om erkenning. Puvrez benadrukt dat de symboliek van de actie pas waarde krijgt als ze gevolgd wordt door aanhoudende aandacht en concrete veranderingen. ‘Als we willen dat meisjes zich hier ooit volledig in kunnen ontplooien zonder drempels, dan moeten we blijven praten, blijven het thema op de agenda zetten, blijven zichtbaar zijn.’ Ook Serge Pilet ziet het momentum als een uitnodiging tot volgehouden actie. ‘We hebben als federatie een signaal gegeven, maar nu komt het erop aan om dat elke dag waar te maken in beleid, in communicatie en in begeleiding. We willen dat onze speelsters zich nooit meer hoeven af te vragen of ze wel even belangrijk zijn.’ Leslie Van den Branden sluit zich daarbij aan: ‘Deze actie toont hoe sport een hefboom kan zijn voor maatschappelijke verandering. Maar de echte impact zit in de lange termijn. In hoe bedrijven, scholen, media en overheden mee verantwoordelijkheid opnemen voor inclusie.’
“Deze actie toont hoe sport een hefboom kan zijn voor maatschappelijke verandering”, geeft CEO van Grant Thornton Belgium, Leslie Van den Branden aan.
Het drietal spreekt de hoop uit dat deze actie navolging krijgt in andere sporten en in andere sectoren. Want zolang een naam vervangen wordt door een etiket, is er werk aan de winkel. En voor Emma Puvrez zijn we er nog niet. ‘Maar we zijn onderweg. En wat we vandaag hebben gedaan is een belangrijke stap in een proces.’


